Input
De functie input() wordt gebruikt om een invoer aan de gebruiker te vragen. Tussen de haakjes kan je een vraag noteren die verschijnt. De waarde die bij de input wordt ingevoerd, sla je op in een variabele.
Test het eens uit met onderstaande code:
print("Hallo")
leeftijd = input("Hoe oud ben je?")
print(leeftijd+5)
Opdracht
Schrijf een programma dat je naam vraagt en je daarna begroet met *Hallo, ...!*
Bij deze oefening moet je een aantal testen uitvoeren om na te gaan of je programma werkt. Hieronder staan een aantal voorbeeldtesten die je kan doen maar op termijn moet je in staat zijn om zelf voldoende testen te verzinnen.
Voorbeeldtesten
Let ook op de spaties en het uitroepteken.
| Invoer | Uitvoer |
|---|---|
| Rik | Hallo, Rik! |
| Pommelien Thijs | Hallo, Pommelien Thijs! |